Conrad Hermann Friedrich Schwalmeijer (187)

De fine fleur van Nederland komt naar De Ster

24-05-1824 † 28-01-1888

Postkoetsen rijden af en aan. De achtjarige Conrad Schwalmeijer jr., zoon van de uitbater Conrad van logement De Ster scharrelt tussen de paardenbenen en helpt de dieren te verzorgen. Hij zeult met water, haalt hooi en roskamt. Van een afstandje ziet hij plotsklaps hoe zijn vader als een knipmes buigt voor een vreemdeling. De man die uit de koets stapt, roept naar de jongen. Conrad begrijpt hem niet. Later vertelt zijn vader hem dat de voorname heer die zoëven arriveerde Thomas Ainsworth heet, een beroemde Engelsman.

Het etablissement aan de toenmalige Marktstraat (nu Burgemeester Jansenplein) heet nu de Twee Wezen. Om die naam te verklaren duiken we even in de historie van het pand. De twee wezen zijn Catharina en Caroline Erler die in 1818 het café erven als hun vader Adolf komt te overlijden. Catharina trouwt op 18 maart 1821 met Conrad Schwalmeijer en die bouwt de kroeg om tot de meest belangrijke pleisterplaats van Hengelo. Zoon Conrad Herman Fredrich Schwalmeijer die in 1824 wordt geboren profiteert van zijn vaders werk en zet de zaken na zijn vaders dood voort. Als klein jochie ziet hij de fine fleur van Nederland voorbij trekken. Van Koning Willem ll tot Thomas Ainsworth die in Twente de industriële revolutie preekt.

Het café staat op de meest strategische plek van Hengelo. Dat is al zo rond 1800 als het plein nog De Markt heet. Hengeloërs komen er hun borreltje halen, praten over de nieuwe pastoor Gelink, de kerk op de Weemengaarden en het weer. ’t Heeft namelijk net hard geregend en Hengelo staat weer blank. Niets nieuws onder de zon dus.

Dat verandert allemaal als Conrad Schwalmeijer sr. in Hengelo komt wonen en de uitspanning een ander gezicht geeft. De Duitser uit Addensen bij Hannover, dan al een vermogend zakenman, ontmoet de twintig jaar jongere Catharina Erler uit Hengelo en huwt haar. In die romance speelt wellicht mee dat Catharina samen met haar zus Caroline een eigen kroeg bezit. Conrad ruikt zijn kans, koopt zuslief Caroline uit voor 1500 gulden en investeert.

De postkoets krijgt een halteplaats bij het logement en Schwalmeijer zorgt ervoor dat prominente bezoekers de weg naar zijn herberg weten te vinden.
Koning Willem ll komt op bezoek evenals Thomas Ainsworth. De Engelsman doet in 1932 goede zaken in de herberg. In de gelagkamer van de uitspanning smeden Ainsworth en directeur Willem de Clerq van de Nederlandsche Handelsmaatschappij snode plannen om Twente klaar te maken voor de industrialisatie van de textielnijverheid.

Koning Willem 1 stuurt De Clerq op pad om de textielarbeid in Twente te moderniseren. In de regio werken dan al 17000 thuiswevers en 1400 spinners.

De man die nieuwe werkwijzen kan introduceren heet Thomas Ainsworth. De textieltechneut uit Engeland weet alles van de snelspoel waarmee wevers twee tot drie keer sneller kunnen werken. Hij vertelt De Clerq dat investeringen nodig zijn voor de aanschaf van lichte weefgetouwen en snelspoelen. Aldus geschiedt, want Koning Willem heeft een potje van 24 miljoen gulden voor dergelijke plannen. De rest is geschiedenis.
Die ontmoeting herdenkt Twente 125 jaar later in 1957 in het bijzijn van de Britse ambassadeur met de onthulling van een bronzen gedenkplaat die nog steeds is te zien in Grand Café De Twee Wezen
Conrad doet nog veel meer om zijn zaak draaiende te houden. Hij haalt de vergaderingen van Marke Woolde in De Ster, de notarissen uit Delden laten er de akten passeren, de provincie houdt er aanbestedingen voor grote infrastructurele werken en in juli 1830 veilt de notaris de Havezate Hengelo inclusief molenaarshuis en ongeveer 150 bunders bouw-, hooi- en weideland.

Rond die tijd nestelen zich nog vier horecazaken op De Markt. Het is dus niet zo vreemd dat het latere Burgemeester Jansenplein uitgroeit tot het horecaplein van Hengelo.

Vader Conrad sterft in 1836 als z’n zoon twaalf is geworden. Hij zal ongetwijfeld zijn begraven op de Algemeene Begraafplaats al is zijn graf niet meer te vinden. Catharina gaat door met het bedrijf tot haar zoon oud genoeg is om de werkzaamheden over te nemen. Conrad jr. woont dan op de hoek van de Brinkstraat/Enschedesestraat. Later verhuist hij naar een huis links achter het viaduct aan de Enschedesestraat. In een krantenartikel wordt over hem gezegd dat ‘de heer Schwalmeijer rentenierde en behoorde tot de vooraanstaande burgers van Hengelo’.

Zeker lijkt dat Conrad zijn geld zinvol besteedt. Op zijn grafsteen op de begraafplaats staat: “Hij was een weldoener van Hengelo’s armen. Zijn nagedachtenis blijve in zegening”.